De Français-expeditie
van Jean-Baptiste Charcot
Toen in de lente van 1903 het nieuws bekend raakte dat
de Antarctic-expeditie
van Otto Nordenskjöld vermist was, besloot de Fransman
Jean-Baptiste Charcot onmiddellijk naar
Antarctica te varen om te helpen zoeken. Geld was geen probleem.
Zijn vader, een wereldvermaard neuroloog, was tien jaar
eerder gestorven en Charcot had een fortuin geërfd.
Met dat geld liet hij een schip bouwen, de Français,
voor een expeditie naar de noordpool. Maar uiteindelijk
werd het naar de andere kant van de wereld.
Op
15 augustus 1903 stond de Français vertrekkens
klaar. Maar een arbeidsongeval kostte het leven van François
Maignan, een van de matrozen. Daardoor koos het schip pas
op 27 augustus het ruime sop. Een van de opvarenden was
Adrien de Gerlache.
Maar toen de Français in Brazilië aankwam,
had de Belg zo'n heimwee naar zijn verloofde dat hij verkoos
naar Europa terug te keren.
Ondertussen was de expeditie van Nordenskjöld al gered.
Omdat Charcot nu toch in de buurt was, besloot hij de westkust
van het Antarctisch schiereiland te onderzoeken. Hij vermeed
de Rosszee wegens de rivaliteit tussen verschillende landen
in dit gebied. Robert Scott noemde hem daarom "the
gentleman of the Pole".
Op 19 februari 1904 ontdekte hij Port Lockroy op Wiencke
Island. De expeditie bracht de winter door in een baai van
Booth Island. De astronoom, de topograaf, de zoöloog
en de geoloog deden hun werk. Tijdens de winter stierf het
troeteldier van de expeditie, het varken Toby. Hij had een
emmer vis binnengespeeld, maar ook de haken warmee de vis
was gevangen.

De Français voor Booth Island
In de lente kwam het schip onzacht in aanraking met een
rots. Het water stroomde binnen en de Français
haastte zich naar Wiencke Island waar er gedurende tien
dagen alles werd gedaan om het gat te dichten. Dit lukte
min of meer zodat Charcot naar Buenos Aires kon varen. Daar
verkocht hij de Français aan Argentinië.
Volgende
pagina |
Terug naar overzicht expedities |

|